Genetica

Om goed te begrijpen hoe het kan dat de ene pony HWSD heeft en een volle broer of zus nergens last van heeft, is het belangrijk om te begrijpen onder welke omstandigheden de ziekte zich openbaart. Dit heeft alles te maken met de genetische aanleg.

Direct meer weten over veilige en onveilige kruisingen? Scroll dan door naar het einde van deze pagina of kijk onder Voor fokkers

Het ontstaan van een nieuw leven

Om zwanger te raken, moet een vrouwelijk dier (of mens) bevrucht worden. Dit zal voor niemand nieuws zijn.  Een lading zaadcellen komt bij de vrouw / merrie binnen, al dan niet kunstmatig, en een van die zaadcellen bevrucht de eicel, wat het begin is van een nieuw leven. Dit vruchtbeginsel is een enkele cel, die zich vervolgens begint te delen en binnen afzienbare tijd uitgroeit tot een volledig levend wezen. Voor het verdere verhaal beperk ik me tot de pony, maar het gaat natuurlijk evenzeer op voor alle andere dieren en mensen.

Dit nieuwe leventje lijkt vanzelfsprekend op de ouders: het krijgt eigenschappen mee van vader en moeder. Dat is de reden dat we voor onze ponymerrie een hengst zoeken die eigenschappen heeft die wij graag terugzien in het veulen. Deze eigenschappen liggen al vast in die ene eicel en zaadcel.

DSCF1762.JPG

Chromosomen en genen

Elke cel in een lichaam heeft dezelfde erfelijke eigenschappen, die zijn vastgelegd op de CHROMOSOMEN. Dit zijn lange slierten aaneengeregen GENEN. Je zou kunnen zeggen dat een chromosoom een ketting of snoer is, en de genen de kralen aan dit snoer. Deze kettingen zijn door alle cellen in het lichaam gekopieerd van het allereerste begin: die ene eicel en die ene zaadcel. De genen vormen tezamen als het ware een bouwtekening waarop het levende wezen opgebouwd wordt.

Chromosomen met hun genen zijn gerangschikt in paren van twee met dezelfde mogelijke eigenschappen, maar deze eigenschappen hebben verschillende variaties. Zo zijn er genen die de schofthoogte bepalen, de vachtkleur of de aanleg tot springen en tal van andere karakteristieken. Sommige eigenschappen zijn het gevolg van het samenspel tussen meerdere genen, andere worden bepaald door de aanwezigheid (of afwezigheid) van een enkel gen.

Wij mensen hebben 23 paar chromosomen (totaal dus 46), paarden hebben 32 paar (totaal dus 64). Is het aantal chromosomen (kettingen) nog overzichtelijk, anders wordt dit wanneer we kijken naar het aantal genen (kralen): dit zijn er ongeveer 3 miljard!

De enige cellen die afwijken, zijn de geslachtscellen (ei- en zaadcellen): deze hebben slechts het halve aantal chromosomen. Op het moment dat deze cellen samenkomen, heeft het veulentje in wording dus weer het normale aantal van 64 chromosomen: 32 van pa en 32 van ma.

Nu hebben de genen op de chromosomen weliswaar dezelfde functie: welke kleur wordt de vacht bijvoorbeeld, maar beide chromosomen bevatten wel verschillende varianten van een gen. Deze varianten worden ALELLEN genoemd: je zou kunnen zeggen dat bij de ene pony op dezelfde plaats op de ketting een blauwe kraal zit, en bij de andere een rode of een groene.

Recessief en Dominant

Stel je voor dat een bepaald gen de eigenschap “vachtkleur” bepaald. (In werkelijkheid is dit een samenspel van verschillende genen, maar we houden het hier even heel simpel). Stel dat een blauwe kraal betekent: “word zwart” en een rode: “word vos”.

Als een veulen twee blauwe kralen krijgt: een van vader en een van moeder, dan is het duidelijk: het veulen wordt zwart. Krijgt het twee rode kralen, dan wordt het vos. Maar wat nu als het een rode en een blauwe kraal erft? In dat geval is er meestal een van de twee die DOMINANT is. Het andere gen noemen we dan RECESSIEF. In het geval van zwart en vos, is zwart dominant. Een pony met eenmaal een blauwe kraal, wordt net zo zwart als een veulen met twee blauwe kralen. Alleen wanneer er twee rode kralen zijn, komt er een vosje tevoorschijn.

Het HWSD gen is recessief. Dit betekent dat een pony met één HWSD gen geen symptomen laat zien. We noemen zo’n pony een DRAGER. Je kunt dat aan de buitenkant niet zien! Dragers zijn normaal gezonde pony’s zonder afwijkende voeten. Heeft de pony twee HWSD genen, (van vader en moeder), dan is het een LIJDER.

Homozygoot en heterozygoot

Wanneer we gaan kijken naar vererving – dus wat geeft een pony door aan het nageslacht – is het van belang welke eigenschappen aanwezig zijn. In ons voorbeeld met de blauwe kraal voor zwart en de rode kraal voor vos, zijn er drie mogelijkheden:

  • De pony heeft twee blauwe kralen (en is dus zwart)
  • De pony heeft twee rode kralen (en is dus vos)
  • De pony heeft een rode en een blauwe kraal (en is dus zwart, want zwart is immers dominant)

De eerste twee pony’s, met twee dezelfde kralen, noemen we HOMOZYGOOT voor deze eigenschap (homo = gelijk, hetzelfde) en de laatste HETEROZYGOOT (hetero = verschillend). Een HWSD drager is dus heterozygoot op deze eigenschap; een lijder is homozygoot.

Fenotype en genotype

Een pony met een blauwe en een rode kraal, (heterozygoot op deze eigenschap) wordt dus zwart in ons voorbeeld. Dit noemen we het FENOTYPE: dat wat je aan de buitenkant kunt zien. Maar nu komt de clou: dit dier heeft OOK een eigenschap voor de voskleur, wat je niet zomaar kunt zien. De genetische aanleg noem je het GENOTYPE.

Stel je even voor dat je twee pony’s hebt, die beide zwart van kleur zijn. Maar beide pony’s hebben naast de blauwe kraal die hen de zwarte kleur geeft, ook een rode kraal voor vos, die je niet aan de buitenkant kunt zien. Wanneer de dieren nu geslachtscellen aanmaken, komt maar de helft van de eigenschappen in de geslachtscel terecht. Er zijn dan dus evenveel eicellen en zaadcellen met rode, als met blauwe kralen. Hieruit volgt dat, wanneer je deze dieren kruist, er vier mogelijkheden zijn:

  • Het veulen krijgt van beide ouders een blauwe kraal
  • Het veulen krijgt een blauwe kraal van vader en een rode van moeder
  • Het veulen krijgt een rode kraal van vader en een blauwe van moeder
  • Het veulen krijgt van beide ouders een rode kraal

De eerste drie veulens zullen zwart zijn, maar het laatste veulen is een vosje! Dat had je wellicht niet verwacht uit twee zwarte ouders. In het verleden gebeurde dit nog wel eens bij Friese paarden. Aangezien de voskleur daar totaal ongewenst is, werden deze veulen nogal eens naar de slacht gebracht (terwijl ze verder prima gezond waren). De beide ouders van zo’n veulen moeten DRAGER zijn geweest van het vos-gen. Deze waren op slag minder waard in de fokkerij. Daarom werd het nog wel eens verzwegen….

mini-chestnutfriesian.bmp.jpg

Een voskleurige Fries, uit twee zwarte ouders.

HWSD werkt volgens exact dezelfde principes. Wanneer je twee pony’s met beiden één HWSD-gen kruist, kan het gebeuren dat beide ouders dit HWSD-gen doorgeven. Beide ouders zijn gezond – maar het veulen is ziek. Dit is bijvoorbeeld bij mijn Flynn het geval geweest. In de tijd dat Flynn verwekt werd, wisten we hier nog niets vanaf. Gelukkig kunnen we nu testen en voorkomen dat we per ongeluk twee gezonde dragers kruisen, met het risico op een ziek veulen.

Het makkelijkste om dit te begrijpen is door het in een schema te laten zien. De afbeeldingen hieronder zijn gemaakt door Benno Helwig, die veel betekend heeft voor het HWSD onderzoek, met name in Duitsland.

De eerste twee afbeeldingen tonen welke mogelijkheden je hebt als je een DRAGER of een LIJDER hebt waar je mee wilt fokken, en er zeker van wilt zijn dat het veulen gezond is.

Veilige kruisingen

N/HWSD (DRAGER) x N/N (VRIJ)

11080808_956235124420868_1893078066951235421_o.jpg

Wanneer je een drager kruist met een vrije (N/N) partner, is de helft van je veulens drager, de andere helft vrij; geen van de veulens is lijder. Dit is dus een prima combinatie zonder risico.

HWSD/HWSD (LIJDER) x N/N (VRIJ)

11078097_956235044420876_5904314091989756316_n.jpg

Ook wanneer je een lijder met een vrije partner kruist, krijg je uitsluitend gezonde veulen; deze zijn wel allemaal drager. Het is dan dus van belang ook deze nakomelingen uitsluitend te kruisen met vrije partners.

Onveilige kruisingen

N/HWSD (drager) x N/HWSD (drager)

11072486_956234331087614_7212866508055880758_n.jpg

Wanneer je twee dragers met elkaar kruist, kan de uitkomst uiteen lopen. 25% van de veulens is vrij, wanneer beide ouders geen HWSD-gen doorgeven. 50% is drager. Maar helaas is ook 25% van deze veulens lijder… 1 op 4 is een behoorlijk risico, en daarom moet deze combinatie worden vermeden. Door te testen is dit makkelijk te voorkomen.

N/HWSD (drager) x HWSD/HWSD (lijder)

11071172_956234817754232_6026495056983534870_o.jpg

Het combineren van een drager met een lijder is nog een stuk gevaarlijker. De helft van de veulens zal drager zijn, de andere helft lijder. Wanneer je met een lijder wilt fokken, is het dus uitermate belangrijk dat de partner vrij is! Alleen dan weet je zeker dat het nageslacht niet aan HWSD zal lijden. Ook deze combinatie moeten we dus vermijden.

HWSD/HWSD (lijder) x HWSD/HWSD (lijder)

11110211_956234957754218_6200222859237036272_n.jpg

De combinatie van lijder x lijder staat hier eigenlijk alleen bij voor de volledigheid. Natuurlijk komen hier alleen maar zieke veulens uit en niemand zal het in z’n hoofd halen deze combinatie te maken. Toch toont het ook aan hoe belangrijk voorlichting en testen is; het komt nog steeds voor dat ponyhouders niet weten dat de slechte voeten van hun pony door HWSD veroorzaakt worden. In dat geval zou zo’n vergissing als bovenstaande kunnen plaatsvinden…

Samenvatting van de begrippen

Chromosomen: de kettingen waarop de erfelijke eigenschappen liggen. Komen voor in paren, aanwezig in elke cel. Het paard heeft 32 paar chromosomen.

Genen: de kralen op de ketting. Deze bepalen alle eigenschappen van een levend wezen.

Alellen: de verschillende varianten van een eigenschap, bv. zwart, vos, bruin, schimmel.

Dominant gen: het gen dat zijn aanwezigheid altijd laat gelden

Recessief gen: het gen dat alleen zichtbaar is als er geen dominant gen aanwezig is

Homozygoot: heeft tweemaal het gen voor een bepaalde eigenscha

Heterozygoot: heeft eenmaal het gen voor een bepaalde eigenschap.

Fenotype: wat we aan de buitenkant zien

Genotype: wat erfelijk aanwezig is en kan worden doorgegeven.

 

Advertenties